Wat wordt er verstaan onder doorgaans en vaste verpleegkundige?

De vaste verpleegkundige is de verpleegkundige die doorgaans het meest langsgaat bij de patiënt. Onder doorgaans wordt verstaan de verpleegkundige die de meeste keren bij de patiënt komt.

Mag het advies om de 6 weken na de eerste verstrekking of bij de status quo of een verslechtering na 6 weken mondeling zijn?

Een referentieverpleegkundige mag mondeling advies geven. De referentie verpleegkundige inzake wondzorg brengt aan de arts die de wondzorg superviseert schriftelijk verslag uit over de evolutie van de wonde. Een kopie van dit verslag dient bewaard te worden in het verpleegdossier van de referentie verpleegkundige en in het wondzorgdossier van de aanvragende beoefenaar van de verpleegkunde.

Een arts kan mondeling advies geven. Van het mondeling advies moet een inhoudelijke weerslag terug te vinden zijn in het verpleegdossier.

Gedurende de periode van 21 dagen dat de eenvoudige wondzorg wordt aangerekend, kan het toezicht op verband zonder verbandwissel 10 x aangerekend worden?

Na 21 dagen begint de periode van complexe wondzorg.  Vanaf dan start de telling opnieuw en kan er maximaal 20 maal per kalendermaand de verstrekking toezicht op verband zonder verbandwissel worden aangerekend (complexe wondzorg).

Welke complexe wondzorg kan de verpleegkundige aanrekenen bij negatieve druk therapie?

Afhankelijk van de tijdsindicatie behoort deze verstrekking tot complexe wondzorg of één van de categorieën van de bijkomende verstrekking complexe wondzorg.

Indien het gaat om een ‘bijkomende verstrekking complexe wondzorg’ dient hiervoor een kennisgeving te gebeuren bij de adviserende geneesheer.

Wat kan je doen als verpleegkundige indien het advies van de arts, contradictorisch is met hetgeen jezelf vindt? Mag je het advies naast je neer leggen?

Wondzorg is een B1 handeling en behoort tot de verantwoordelijkheid van de verpleegkundige..

Dit wil zeggen dat verpleegkundigen aansprakelijk zijn voor de handelingen die zij uitvoeren. Indien een verpleegkundige niet akkoord gaat met het advies, is dialoog met de arts nodig. Duidelijke argumentatie in het wondzorgdossier is nodig.

Wat valt er onder een bijkomende verstrekking complexe wondzorg?

Bij de bijkomende verstrekkingen complexe wondzorg gaat het over de totale duur per verzorgingsdag.

Wondzorg

 

Behoort de verzorging van een externe trachenacanule tot de complexe wondzorg?

Ja

Hoe beoordeel je, als een referentie verpleegkundige wondzorg, een "verslechtering" van een wonde?

Als verpleegkundige raadpleeg je de resultaten van de vorige ‘pijn- en wond-evaluatie-instrumenten en inzichten’ en vergelijk je deze met een nieuwe beoordeling. Op basis van de twee beoordelingen kan je spreken over een verslechtering, verbetering of een status-quo van de wonde. 

Kan volgende combinatie tijdens een zelfde bezoek: uitvoeren van een wondzorg en het verwijderen van hechtingen?

Tijdens een zelfde zitting, mogen verschillende wondzorgen (eenvoudige / complexe) gecumuleerd worden binnen de limieten van het dagplafond.

Krijgt de verpleegkundige een melding van een ingediende kennisgeving door een andere verpleegkundige?

Neen.

Wanneer start de tijdsregistratie bij de drie categorieën van de bijkomende verstrekking complexe wondzorg?

De tijdsregistratie start bij een wondverzorging en dit enkel voor de tijdsduur van de wondzorg. Alles wat te maken heeft met de voorbereiding van de wonde zoals het klaarzetten van het materiaal, het laten weken van de wonde, het opruimen van het materiaal, telt niet mee in het kader van de tijdsregistratie. 

Hoe beoordeel je, als een referentie verpleegkundige wondzorg, een "status quo" van een wonde?

De doelstelling van elke wondzorg is een verbetering van de wonde na te streven. In uitzonderlijke gevallen kan een status-quo een doelstelling (geen verandering in de toestand van de wonde) zijn. Bijvoorbeeld bij de chronische verzorging van een suprapubische sonde of bij comfortzorg (ongeneeslijke wonden).

Als de doelstelling een status quo is, en deze doelstelling is bereikt, dan hoeft er geen referentie verpleegkundige wondzorg langs te gaan. Indien de doelstelling ‘een verbetering’ is en er is een status quo of een verslechtering, dan dient de referentie verpleegkundige wondzorg om de 6 weken langs te gaan of moet het advies van een arts gevraagd worden.

Dient er bij verschillende wonden eenvoudige wondzorg steeds een apart wondzorgdossier te zijn?

Er dient geen apart wondzorgdossier te zijn wanneer het over dezelfde soort wonden gaat (zelfde oorzaak / aard). In het dossier moeten de beschrijving en de evolutie van de wonden wel terug te vinden zijn, ongeacht hun identieke oorzaak.

Bij verschillende wonden (verschillende aard, verschillende oorzaken) is een apart wondzorgdossier nodig.

Is er een nieuwe wondzorgnomenclatuur?

Ja, er is inderdaad een nieuwe wondzorgnomenclatuur.

Deze gaat in voege op 01/12/2022. 

Er staat niets over de C-handelingen in de nieuwe wondzorgnomenclatuur. Is hier iets gewijzigd?

Neen, er is  niets gewijzigd.

“Het debrideren van decubituswonden” is een C-handeling (LINK 18 JUNI 1990. - Koninklijk besluit houdende vaststelling van de lijst van de technische verpleegkundige verstrekkingen en de lijst van de handelingen die door een arts aan beoefenaars van de verpleegkunde kunnen worden toevertrouwd, alsmede de wijze van uitvoering van die verstrekkingen en handelingen en de kwalificatievereisten waaraan de beoefenaars van de verpleegkunde moeten voldoen + art.5 + bijlage II).

Dit zijn handelingen die door artsen aan verpleegkundigen worden toevertrouwd.

Onder debridement wordt verstaan “het verwijderen van necrotisch weefsel, fibrineus beslag en ander wonddébris”. Het debrideren van alle andere wonden buiten een decubituswonde is geen c-handeling. Het wegnemen van andere necrose voor andere wonden blijft een B1 handeling. Een debridement hoort tot wondzorg. 

Wie stelt de behandeling en doelstellingen in het kader van wondzorg op?

Het is de verantwoordelijkheid van elke verpleegkundige om bij de opstart van de wondzorg doelstellingen te bepalen. Deze doelstellingen kunnen aangepast worden door de referentie verpleegkundige wondzorg / arts uiterlijk 6 weken na het verlenen van de eerste verstrekking wondzorg en vervolgens na elke periode van maximaal 6 weken behandeling van de wonde. Elke referentie verpleegkundige wondzorg dient deze doelstellingen alsook het verloop van de wondzorg te omschrijven en evalueren.

Het is de verantwoordelijkheid van de vaste verpleegkundige om het advies van de referentie verpleegkundige wondzorg / arts in het verpleegdossier op te nemen.

Wat wordt in het wondzorgdossier verstaan onder ‘mogelijke oorzaak/aard van de wonde’:

Aard van de wonde: type wonde en klinisch diagnostische omschrijving,  medische context bij de wonde, vermoeden van bijkomende infectie, achtergebleven vreemd materiaal in de wonde, …

Oorzaak van de wonde: door een ongeval, chirurgie, wonde gemaakt met welk object (mes, kettingzaak, stomp voorwerp, glasscherven, boor, machine), gesneden, opengerukt, pletwonde, schaafwonde, brandwonde, ulcera, chemisch veroorzaakte wonde, … .

Is het beschikbaar maken van de vereiste gegevens op een voor de arts raadpleegbaar platform/portaal voldoende om te voldoen aan de voorwaarde van een mededeling?

Ja.

Wat behoort tot een geheelde stoma en een niet-geheelde stoma?

Stomaverzorging en wondzorg (na colostomie, gastrostomie, ileostomie, cystostomie, ureterostomie of tracheostomie) zijn twee verschillende zaken. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen een geheelde en een niet-geheelde stoma:

  • Een geheelde stoma is een stoma die volledig geheeld is en waarbij geen hechtingsmateriaal en huidletsels aanwezig zijn. Bij een geheelde stoma is geen wondzorg meer noodzakelijk. De verpleegkundige of de zorgkundige kunnen hierbij volgende taken opnemen: hygiënische reiniging van de stoma en het wisselen van het opvangzakje met de daarbij horende plaat. Hiervoor werd het nomenclatuurnummer ‘verzorging van een geheelde stoma, zonder dat wondzorg noodzakelijk is’, gecreëerd.
    • Zorgkundigen zijn bevoegd om hygiënische zorg te verlenen aan een geheelde stoma, waarvoor geen wondverzorging nodig is.  
    • De hygiënische verzorging van een geheelde tracheostomie, zonder tracheale tube kan uitgevoerd worden door een zorgkundige.  
    • Een tracheostomie met een tracheale tube waarvan de stoma nog niet geheeld is, mag niet door een zorgkundige verzorgd worden.  

 

  • Een niet-geheelde stoma (met hechtingen of met peristomale wonden of letsels) behoort tot de wondzorg (eenvoudige of complexe wondzorg). Deze zorg wordt enkel uitgevoerd door de verpleegkundigen.

 

  • Voor de nomenclatuurnummers 429354, 429472, 429575, 429671, 429774 (verzorging van een geheelde stoma, zonder dat wondzorg noodzakelijk is) is er geen voorschrift en kennisgeving nodig.

​​​​​​​

  • Een nefrostomie is een specifieke verzorging die men niet kan herleiden tot een stoma en behoort tot de complexe wondzorg.

Indien je op week 6, een wondzorg die heelt, wil verlengen, moet je dan een verslag doorsturen naar de arts of volstaat het vermelden dat de wondzorg verlengd wordt?

Indien het om een eerste periode van 6 weken gaat, dient uiterlijk 6 weken na het verlenen van de eerste verstrekking wondzorg een bezoek van een referentie verpleegkundige wondzorg plaats te vinden. Het verslag hiervan wordt opgenomen in het verpleegdossier.

De referentieverpleegkundige wondzorg brengt aan de arts die de wondzorg superviseert schriftelijk verslag uit over de evolutie van de wonde.

Indien het gaat om een volgende periode van 6 weken dient enkel bij een verslechtering van de wonde of bij een status-quo die niet voldoet aan de doelstelling van de zorgen (cf. bovenstaande vraag en antwoord), het advies van een referentie verpleegkundige wondzorg / arts  te worden ingewonnen. Vrijstelling bij status-quo kan enkel indien de doelstelling de uitzonderingen bevat, zoals chronische wondzorg bij suprapubische sonde of comfortzorg (ongeneeslijke wonden). Het verslag van de referentie verpleegkundige wondzorg wordt opgenomen in het verpleegdossier en wordt doorgestuurd naar de arts die de wonde superviseert.

Wat wordt er bedoeld in het wondzorgdossier met de beschrijving ‘wondranden en wondomgeving’?

Wondranden en wondomgeving kunnen opstaand, geïrriteerd of verweekt zijn, rood zien, … . Letsels of verschillende wonden, kunnen ook een diffuus verspreid beeld vertonen. Hierbij is een duidelijke omschrijving of registratie van afmetingen (lengte, breedte en diepte), moeilijk. Diffuse verspreiding van letsels ziet men bijvoorbeeld bij de ‘tache blanche’ van veneuze ulcera of bij zware lymfepathologie. Deze verschillende wondjes kunnen onder één wondzorgbeschrijving gezet worden.

Wat dient de verpleegkundige te attesteren in volgende situatie: twee complexe wondzorgen die beantwoorden aan de voorwaarden om in aanmerking te komen voor het attesteren van een bijkomende verstrekking complexe wondzorg?

Indien bijvoorbeeld twee of meer complexe wondzorgen samen in aanmerking komen voor de bijkomende verstrekking complexe wondzorg, wordt één basisverstrekking, één complexe wondzorg en één bijkomende verstrekking complexe wondzorg aangerekend.

Complexe wondzorgen, die niet in aanmerking komen voor de bijkomende verstrekking complexe wondzorg, kunnen gecumuleerd worden binnen de limieten van het dagplafond.

Kan er een complexe wondzorg in de voormiddag worden uitgevoerd (met gebruik van het nomenclatuurnummer complexe wondzorg) en kan er in de namiddag een adviesbezoek door de referentieverpleegkundige aangerekend worden?

Cumul per verzorgingszitting mag niet, maar wel per verzorgingsdag.

Wat wordt er in het wondzorgdossier verstaan onder de evaluatie van een wonde?

De evaluatie van een wonde veronderstelt impliciet ook een evaluatie van de behandeling en alle opgesomde items in de richtlijn betreffende het wondzorgdossier.

Wat wordt bedoeld met een ‘kennisgeving voor de bijkomende verstrekking complexe wondzorg’?

De kennisgeving is een melding/opening van recht en is geldig voor maximum 3 maanden.

De wondzorg dient elke dag te voldoen aan de terugbetalingsvoorwaarden van de nomenclatuur. Bij een verhoging van de tijdsspanne ‘bijkomende verstrekking complexe wondzorg’ is een nieuwe kennisgeving nodig. Bij een verlaging van de categorie ‘bijkomende verstrekking complexe wondzorg’, is er geen nieuwe kennisgeving nodig.

Telt het advies van een referentieverpleegkundige uit het ziekenhuis mee in de verplichte adviezen vastgelegd in de nomenclatuur wondzorg (nl. uiterlijk binnen 6 weken na het verlenen van de 1ste verstrekking en minimaal om de 6 weken (status-quo / vers

Ja, deze gespecialiseerde adviezen kunnen meegeteld worden. Een schriftelijk verslag van dit advies wordt bijgehouden in het verpleegdossier. 

Waar bewaar ik mijn wondzorgverslag en het verslag van de referentie verpleegkundige wondzorg?

Het wondzorgverslag maakt deel uit van het verpleegdossier. Een verslag van de referentie verpleegkundige wondzorg dient bewaard te worden in het verpleegdossier van de referentieverpleegkundige en in het wondzorgdossier van de aanvragende beoefenaar van de verpleegkunde.

Dient een kopie van de kennisgeving van de ‘bijkomende verstrekking complexe wondzorg’ worden doorgestuurd naar de behandelende arts?

Een kopie van de kennisgeving is ter beschikking in het verpleegdossier en dient niet te worden doorgestuurd naar de behandelende arts.

Kan een complexe wondzorg (na bijvoorbeeld 8 weken) terug evolueren naar een eenvoudige wondzorg?

De verpleegkundige beoordeelt op basis van de klinische parameters dat een wonde geen complexe wondzorg meer is maar een eenvoudige wonde, op voorwaarde dat de verpleegkundige verwacht dat deze wonde binnen 14  dagen genezen is. Indien dit het geval is, rekent zij een eenvoudige wondzorg aan. De wondzorg dient elke dag te voldoen aan de terugbetalings-voorwaarden van de nomenclatuur.

Mag ik nog papieren patiëntendossiers gebruiken?

Voorlopig mag dit nog wel.  Dit zal in het kader van de Kwaliteitswet in de nabije toekomst wijzigen.

Hoe factureer je een bijkomende verstrekking complexe wondzorg wanneer dit de som is van de totale duur per verzorgingsdag van de verschillende wonden?

Indien het geheel van de complexe wondzorg (één of meerdere wonden) tijdens de verzorgingsdag meer dan 30 minuten duurt, wordt één complexe wondzorg gefactureerd én, in functie van de tijdsduur, wordt één van de 3 opgenomen categorieën van de ‘bijkomende verstrekking complexe wondzorg’ aangerekend.

De totale tijdsduur per dag van de wondzorg van de verschillende wonden samen, bepaalt deze categorie.

Mogen wondzorgen gecumuleerd worden?

Het cumuleren van wondzorgen tijdens een zelfde verzorgingszitting mag binnen de limieten van het dagplafond.

Het betreft het cumuleren van eenvoudige wondzorgen, complexe wondzorgen of een combinatie van een eenvoudige met complexe wondzorg.

Wat omvat het verzorgingsplan?

Bij gelijkaardige wonden is er geen opsplitsing van het verzorgingsplan. Bij niet-gelijkaardige wonden (bijvoorbeeld een ulcus en een skin tear) moet er een apart verzorgingsplan zijn.

In het verzorgingsplan vermeldt een verpleegkundige wat zij doet in het kader van de verzorging. Het verzorgingsplan wordt aangepast in functie van de evaluatie van de wonde.

Is een bezoek van de referentie verpleegkundige wondzorg verplicht bij de start van een bijkomende verstrekking complexe wondzorg?

Het is niet verplicht dat de referentie verpleegkundige wondzorg als eerste langsgaat, maar het kan.

Verpleegkundigen dienen uiterlijk na 6 weken na het verlenen van de eerste verstrekking wondzorg (eenvoudige of complexe) advies in te winnen aan een referentie verpleegkundige wondzorg of een arts.

Wordt het adviesbezoek van de arts meegeteld in het aantal toegestane adviesbezoeken van de referentieverpleegkundige (maximaal 20/patiënt/kalenderjaar en maximaal 10/kalenderjaar/wondzorg)?

Neen.

Is er bij een verlenging of bij een overgang van een eenvoudige naar een complexe wondzorg een volledige evaluatie aangewezen?

Ja. De volledige evaluatie is aangewezen op basis van de meest recente Evidence Based pijn-en wonde-evaluatie-instrumenten en inzichten.

 

 

Hoe wordt omgegaan met patiënten die niet akkoord gaan met de gegevensuitwisseling naar artsen of die weigeren om foto’s van de wondzorg te laten nemen ?

Het KB stelt dat het beschikbaar stellen van gegevens voor de arts(en) betrokken bij de wondzorg (inclusief de foto) een wettelijke verplichting is, waar verpleegkundigen moeten aan voldoen en om terugbetaling van de wondzorg te verkrijgen.

Als er geen foto mag genomen worden door de patiënt, voldoet de verpleegkundige niet aan de voorwaarden van de nomenclatuur om terugbetaling van de zorg te kunnen krijgen.  Dit impliceert dat het volledige tarief ten laste is van de patiënt (zonder getuigenschrift voor verstrekte hulp). Bij weigering van de patiënt houdt de verpleegkundige nog steeds een wondzorgdossier bij.

Kan er een ‘adviesbezoek referentie verpleegkundige wondzorg’ worden getarifeerd (en worden vergoed) wanneer het gaat om een wondzorg die de status ‘verbeterd’ heeft gekregen?

De nomenclatuur verbiedt dit niet, maar het lijkt niet opportuun nog een adviesbezoek van een referentieverpleegkundige aan te vragen bij een wonde die de status ‘verbeterd’ heeft gekregen. 

Is het belangrijk om pseudocodes te registreren bij de forfaits?

Het is belangrijk dat verpleegkundigen ook bij forfaits correct de bestaande pseudocodes registreren. Dit is in het belang om een idee te krijgen over de zorgzwaarte van de patiënt maar ook om de opvolging van de wondzorg en de kwaliteit van de behandeling ervan te kunnen opvolgen.  

Is een informed consent van de patiënt nodig om de gegevensuitwisseling naar de artsen te doen en om foto’s te nemen van de wondzorg?

Er is geen apart informed consent nodig want dit is een wettelijke verplichting in het KB.

Kan het bezoek van een referentie verpleegkundige wondzorg gecumuleerd worden met een bijkomende verstrekking complexe wondzorg?

Neen, dit kan niet 

Wat dient er te gebeuren met het voorschrift in het kader van de terugbetaling van materialen bij chronische wonden?

In deze situatie vraagt de patiënt een voorschrift voor de materialen om terugbetaling te bekomen (aan de arts).

Hoe kan ik als verpleegkundige informatie met betrekking tot wondzorg delen?

Het delen van informatie kan enkel gebeuren via beveiligde tools. Deze beveiligde tools zijn geen vervanging van informatie die ook moet beschikbaar zijn in het verpleegdossier. Alle informatie moet in één dossier vermeld worden.

Indien een patiënt meerdere (bijvoorbeeld 3) wonden heeft die langer dan 6 weken lopen, mogen er dan per effectief adviesbezoek van de referentie verpleegkundige meerdere adviesbezoeken (in dit voorbeeld 3) gelijktijdig aangerekend worden?

Het gaat over één patiënt: een bezoek is één bezoek, op één tijdstip. Eén adviesbezoek geldt voor verschillende wonden. Adviesbezoeken over verschillende wonden mogen in principe niet verspreid worden over verschillende dagen.

Als je als referentie verpleegkundige wondzorg een adviesbezoek doet naar aanleiding van bijvoorbeeld een skin tear, en de week nadien valt de patiënt uit bed en ontwikkelt hierdoor een decubituswonde, dan kan de referentie verpleegkundige een bijkomend advies verlenen en dit ook aanrekenen voor het advies betreffende de decubituswonde. Dit is enkel mogelijk in geval van een verschillende startdatum van de wonde. 

Stel dat de referentie verpleegkundige een ander verband gebruikt en er is geen voorschrift verplichting meer, bestaat het gevaar dat dit materiaal niet meer zal terugbetaald worden (in het kader van de terugbetaling van materiaal bij chronische wonden)

  • Een referentie verpleegkundige is niet bevoegd om deze voorschriften tot terugbetaling van materialen, te schrijven. In deze situatie dient de patiënt een voorschrift te vragen aan de arts.

 

  • De verpleegkundige kan het voorschrift opstellen, maar de arts dient dit te ondertekenen en is hier verantwoordelijk voor.

Wat doet de verpleegkundige indien op het communicatieblad/richtlijn/advies (van het ziekenhuis) staat dat het verband 7 dagen gesloten moet blijven?

Wondzorg is een B1 handeling en behoort tot de verantwoordelijkheid van de verpleegkundige.

Indien een verpleegkundige op de hoogte is van de ingreep, dan is het de verantwoordelijkheid van de verpleegkundige, indien zij langsgaat, om het verband correct te observeren en in functie van de observatie en eventuele problemen, de juiste handelingen te stellen. De verpleegkundige contacteert achteraf de arts.

Indien het verband gedurende 7 dagen proper en droog blijft, is een foto van het gesloten verband niet nodig en kan de verpleegkundige de verstrekking ‘toezicht op de wonde zonder verbandwissel’ aanrekenen. Een foto van de wonde wordt pas genomen wanneer het verband verwijderd wordt.

Mag de referentie verpleegkundige wondzorg ook andere technische verstrekkingen factureren tijdens dit bezoek?

Enkel zijn bezoek als er geen andere technische verstrekking wordt uitgevoerd.

Wanneer zij één of meer technische (bijvoorbeeld een inspuiting) of specifieke verpleegkundige verstrekkingen uitvoert mogen deze met een basisverstrekking aangerekend worden.

Er is een wondzorg gestart (bijvoorbeeld ulcus) en de patiënt wordt opgenomen in het ziekenhuis gedurende 3 weken. De patiënt komt daarna terug naar huis met nog steeds dezelfde ulcus. Wat dient er te gebeuren met de foto om de 2 weken? Start deze term

Ja, het  voorbeeld betreft een tijdelijke stop van zorg. Wanneer de patiënt opnieuw thuis is, wordt er opnieuw gestart met tellen. Dit wil zeggen dat er binnen de 5 dagen opnieuw een foto nodig is van de wonde.

Vanaf wanneer start de aanrekening van de wondzorg?

De eerste verzorgingszitting van de betrokken wonde kan elke verstrekking van eenvoudige of complexe wondzorg betreffen, met inbegrip van de verstrekking ‘toezicht op het verband zonder verbandwissel’.

Dit impliceert dat de ‘teller’ start vanaf het eerste patiëntencontact in kader van de wondzorg.  

Wat mag de vaste verpleegkundige aanrekenen tijdens het bezoek van de referentie verpleegkundige wondzorg?

Een basisverstrekking en de verstrekking voor zijn/haar aanwezigheid.

Bij een forfait is de aanwezigheid van de vaste verpleegkundige tijdens het bezoek van de referentie verpleegkundige wondzorg inbegrepen.  

Een patiënt wordt overgenomen door andere groep van thuisverpleegkundigen of verblijft tijdelijk aan de kust. Als het dossier wordt overgedragen, mag de nieuwe groep hierop verder werken? Als dit dossier niet wordt overgedragen door het vorige team, die

Bij continuïteit (aan te bevelen), neemt de nieuwe verpleegkundige de gegevens over van het bestaande dossier. De nieuwe verpleegkundige kan ook een volledig nieuw dossier opstarten, inclusief alle bijhorende verplichtingen. De telling van de verzorgingsdagen is per patiënt en lopen door.

Binnenkort kan je hier de veelgestelde vragen lezen mbt de nieuwe wondzorgnomenclatuur.